Niet alleen

Schrijven doe ik niet alleen. Het typen doe ik in mijn uppie, maar om mijn manuscript beter maken, om het levensvatbaar te maken, heb ik hulptroepen nodig.

Zo heb ik tegenlezers die altijd de waarheid spreken. In ruil voor chocola of mijn feedback op hun manuscripten gaan ze voor me aan de slag. Zij maken opmerkingen die een 'gewone' lezer ook zou hebben. Struikelblokken komen naar boven, inconsequenties in personages en enscenering worden bloot gelegd. Tegenlezers zijn een soort verpleegsters: ze zijn vriendelijk, zorgvuldig en eerlijk.

Ik heb ook een manuscriptendokter: een schrijfcoach. Zij overziet het complete verhaal en de manco's daarin. Ze legt niet alleen de vinger op de zere plek, maar geeft me ook oefeningen en suggesties om onderdelen vanuit een ander gezichtspunt te benaderen. Mijn coach kent onderhand de personages uit #boek2 net zo goed als ik en dat is ook gezellig: beetje kletsen over fictieve mensen.

Maar zeker zo belangrijk, zijn mijn medepatienten: andere schrijvers. Afgelopen vrijdag ontmoette ik Chantal en Marije, schrijvers van andere genres, met andere schrijfprocesssen, maar met vergelijkbare ervaringen, onzekerheden en verwachtingen. Niets zo prettig dan je frustraties en geluksmomenten te delen met soortgenoten.

Zonder mijn hulptroepen red ik het niet. Ze maken mijn manuscript compleet en het schrijfproces een stuk minder eenzaam.

0 reacties:

Een reactie posten