Ellen

Ze heet nog steeds Ellen, mijn hoofdpersoon. In blogje Nu de naam nog was ik er van overtuigd dat Ellen een voorlopige naam was. De echte naam - krachtig en met een beetje symboliek - zou me vanzelf een keertje te binnen schieten.
Hoe anders liep het: Ellen is bij mijn hoofdpersoon gaan horen. Ik praat over Ellen, ik praat met Ellen. Dan noem ik haar bij haar naam en zie haar voor me; met haar tengere lijf, haar donkere haren en ogen en het kuiltje in haar wang. Ik weet wat haar lievelingssport is, haar lievelingseten, haar favoriete vakantiebestemming. Ik voel hoeveel ze van haar dochter houdt, hoe ze zich zorgen maakt en hoe graag ze een man in haar leven zou willen - maar dan alleen wel de ware.
Ellen zit in mij, en ik zit in Ellen.

Voor wat betreft haar naam, die is nu zo sterk met haar verbonden, dat ik me geen andere meer kan voorstellen. Maar om zeker te zijn van mijn keuze liep ik de vijf tips die schrijvenonline geeft over naamgeving nog even na.
1. Zoek uit wat een naam betekent.
2. Kies de juiste naam voor de juiste tijd (en land/plaats).
3. Gebruik alliteratie en wissel lettergrepen af.
4. Check de naam.
5. Zeg de naam hardop.
Ellen slaagde glansrijk, want vijf keer was het checkcheckdubbelcheck.

Ellen blijft, samen met de andere namen. En dat is wel zo gezelllig en prettig, want ik ben ondertussen - zo in versie 12 - behoorlijk aan ze gehecht geraakt.

0 reacties:

Een reactie posten