Ondernemen enzo

Zolang je boek niet maandenlang in de Bestseller 60 van het CPNB staat en je niet van droog brood houdt, moet er op een andere manier geld binnen komen. Dus ging ik op sollicitatiegesprek: handen schudden, koffie drinken en vriendelijke dingen zeggen als 'wat een mooie locatie' en 'leuk om jullie te ontmoeten.' (al is 'leuk' eigenlijk een no-go in een sollicitatiegesprek, net als 'uitdaging' trouwens).
Daar zat ik, in mijn geluksblouse, te lurken aan bittere automatenkoffie. De man tegenover me (zeker weten de tweelingbroer van Frank Boeyen) stelde vragen. Ik twijfelde welke antwoorden ik moest geven: voor de functie wenselijke of eerlijke. De vragen die ik zelf had voorbereid waren weggezakt, tot in mijn tenen.

Maar halverwege dacht ik: wat een leuk gesprek en wat een interessante uitdaging!

De man vroeg: 'Ben jij een beetje een ondernemer?'
'Ja, hoor, zeker.' (het voor de functie wenselijk antwoord)
Hij keek over zijn bril naar me: 'Kun je een voorbeeld geven van je ondernemerschap op strategisch, tactisch en operationeel niveau?'
Ik slikte een slok koffie weg. 'Natuurlijk,' en zette het kopje langzaam neer. Ineens wist ik het eerlijke antwoord. 'Ik ben namelijk ook schrijver.'
En toen hield ik een ellenlang monoloog over mijn ondernemerschap als schrijver. Het ging ongeveer zo:

Op operationeel niveau is mijn ondernemerschap heel eenvoudig: ik schrijf. Om mijn manuscript te realiseren doe ik research, regel ik tegenlezers en koop ik bizar veel blanco A4. Op tactisch niveau probeer ik de kwaliteit van mijn schrijfwerk te verhogen; zo heb ik een schrijfcoach gevraagd mijn werk te beoordelen en ben ik een blog begonnen, ter lering en vermaak. Op strategisch niveau onderzoek ik de haalbaarheid om ook andere genres op te pakken. Zo overwoog ik om een kinderboek te schrijven, maar heb ik dat weer naast me neergelegd. Ik ben namelijk onvoldoende bekend met Avi-niveaus en moet me nu eerst focussen op #boek2.

Ik was oprecht verbaasd over de stelligheid waarmee ik de vraag had beantwoord. En ik twijfelde: had ik zojuist de ambacht schrijven als een controleerbaar en a-creatief karwei omschreven? Mijn collega-auteurs een judaskus gegeven? Met buikpijn (ook van de koffie) en een hoofd vol tegenstrijdigheden reed ik terug naar huis.

Net belden ze: ik was het niet geworden. Ze vonden me niet ondernemend genoeg. Gelukkig.

0 reacties:

Een reactie posten